“Ik wil het verleden begraven.”

Waarom vluchten mensen uit Eritrea? Er heerst immers geen oorlog. Wellicht begrijpt u na het verhaal van Bisrat Measho (32) dat een dictatoriaal regime, armoede, verplichte soms jarenlange onbetaalde dienstplicht, slechte economische vooruitzichten en familiaire omstandigheden ook redenen kunnen zijn om te willen vertrekken. Samen met haar kinderen Naod (12) en Nazret (8) kwam ze in mei 2016 in Nederland terecht. Tijdens het vertellen van haar indrukwekkend verhaal – ze beheerst wonderbaarlijk goed de Nederlandse taal – vloeien de tranen rijkelijk.  

Of ze weet wie Thierry Baudet en Geert Wilders zijn, de lijsttrekkers van de politieke partijen Forum voor Democratie en de Partij van de Vrijheid? Heeft ze ooit notie genomen van de uitgesproken mening van de twee heren over het migratiebeleid? Ze schudt haar hoofd, ook een foto van deze mannen zegt haar niets. Bisrat houd zich niet bezig met de politiek in ons land, is met haar kinderen vanaf het allereerste begin liefdevol opgevangen. Eerst in Ter Apel nabij Groningen, later in Budel en Eindhoven. Nu woont ze met zoon en dochter in Oirschot. “Mijn dorpsgenoten zijn erg aardig, ik heb lieve buren.” Ze zag het levenslicht in Soedan waar haar ouders naar toe vluchtten, ten tijde van de oorlog tussen buurlanden Eritrea en Ethiopië. Moeder was veertien toen ze zeer tegen de zin in trouwde met Bisrat’s vader, toen dertig jaar oud en soldaat.

Een moeder is onmisbaar

Op het moment dat haar ouders scheidden én vertrokken uit het leven van hun enig kind, was Bisrat slechts drie jaar oud. Ze woonde nadien op verschillende plaatsen bij verschillende familieleden. Dat is vanzelfsprekend in Eritrea, waar een grote familiecultuur heerst. Samenleven met grootouders, ooms, tantes, neven en nichten is normaal. Iedereen ‘bemoeit’ zich met de opvoeding. Bisrat verbleef dan weer bij oma, dan weer bij een tante en haar kinderen, of bij de andere oma; altijd hunkerde ze naar degene die voorgoed uit haar leven leek te zijn verdwenen. “Een moeder is onmisbaar, haar afwezigheid deed me alle dagen pijn. Ik voelde me in de steek gelaten, begreep het niet. Kon met mijn verdriet nergens terecht, erover praten was uitgesloten.” Bisrat voelde haarfijn aan dat de mogelijkheden om haar vleugels uit te spreiden in Eritrea – dit land wordt het Nood-Korea van Afrika genoemd – klein waren, haar lot leek voorbestemd. Jong trouwen, kinderen krijgen en zorg dragen voor het huishouden. Niet wat ze voor ogen had, maar dat zei ze niet. In Eritrea is de mening van een kind ondergeschikt.

Mooie Hollandse kippen

Bisrat was een jaar of zestien toen oma van moeders kant vijftien kippen kreeg aangeboden via ontwikkelingshulp. Hollandse kippen! De ogen van Bisrat glinsteren als ze aan dit moment terugdenkt. “Het waren prachtige beesten, de eieren konden we verkopen. Dankzij de kippen wist ik het zeker ‘Ik wil naar Nederland.’ Daar moet het goed zijn.” Het zou jaren duren voordat ze deze stap maakte; jaren waarin strubbelingen en teleurstellingen de overhand hadden. Op twaalfjarige leeftijd stierf haar vader. Hij was inmiddels hertrouwd, had twee kinderen met zijn tweede vrouw. Pas op de begrafenis werd Bisrat herenigd met haar moeder, kreeg voor het eerst uitleg over de reden van haar vertrek destijds. Hoe jong ze ook was, Bisrat begreep het. Een ongelukkig huwelijk eindigde in een scheiding, een schande in Eritrea. Als kind van een gebroken gezin werd tegen Bisrat ook ‘anders’ aangekeken, dat voelde ze, dat merkte ze. De moeder heeft oprecht gehoopt dat haar dochter liefdevol werd opgevangen door familie en dat was zo, zich ongetwijfeld realiserend welke consequenties – lees: littekens! – dit bij Bisrat teweeg zou brengen. Het contact tussen moeder en dochter is nu prima. “We bellen één keer per maand, vaker is te kostbaar. Ik mis mijn moeder, wil dichtbij haar zijn.” Dat zit er niet in; terug naar Eritrea is geen optie. Ze is nou eenmaal gevlucht en gaat niet met open armen ontvangen worden, het dictatoriale regime viert nog altijd hoogtij. Bisrat huilt. Veegt tranen weg. Stilte volgt…

In haar eentje bevallen

Terug naar de voorgeschiedenis

Asmara, de hoofdstad van Eritrea lonkte voor Bisrat. Een grote stad met toekomstperspectief. Ze wilde rust, een eigen leven leiden, studeren. Maar het mocht niet van de familie. Een relatie met een jongen van wie ze hield werd verboden, omdat hij héél ver weg familie bleek. Ze trouwde op twintigjarige leeftijd met de man van haar kinderen, spijtig genoeg niet uit liefde. Hij had haar een studie beloofd – ze wilde kapster worden – maar Bisrat raakte snel zwanger. Geen schoolbanken maar tomaten op straat verkopen, met hun eerste kind achterop de rug.  Zij zorgde voor het onderhoud, hij was soldaat en vaak van huis. Ergens in 2007 bood de autoritaire president zijn landgenoten een geweldig vooruitzicht aan in Gashbarka, een deel van Eritrea dat uitermate geschikt werd geacht voor de landbouw. Ook Bisrat en haar man ‘tuinden erin’, verkasten naar de ‘plek des hoop.’ Van alle mooie beloften kwam niets terecht. “Veel mensen zijn in Gashbarka door armoede doodgegaan, ook kinderen.” Haar man vluchtte naar Soedan en later naar Israël,  terwijl zijzelf in haar eentje beviel van hun tweede kind. De bedoeling was dat Bisrat haar man zou volgen, maar het liep anders. Via allerlei omzwervingen, (financiële) steun van familie en een indrukwekkend doorzettingsvermogen runde Bisrat in DC Dekemhare uiteindelijk een eigen kapsalon. Eind goed, al goed zou je denken. Niets is helaas minder waar. Gedoe met familie, gedoe met haar man, gedoe met een paspoort en de extreme hitte dwongen Bisrat toch te vluchten. En wie illegaal uit Eritrea probeert weg te komen, loopt het risico te worden neergeschoten. Via Soedan, Libië en een gevaarlijke bootreis naar Italië, zette ze precies drie jaar geleden voet op Nederlandse bodem. Haar man woonde inmiddels in Canada, en ze onderhielden telefonisch contact.

Veiligheid voor de kinderen

Twee jaar geleden kwam hij naar Nederland, hun samenzijn was geen succes. “Hij nam het mij kwalijk dat ons dochtertje naar speciaal onderwijs gaat, meende dat ik de kinderen niet goed opvoedde. Wilde ons meenemen naar Canada. Maar mijn kinderen kenden hem niet, vonden het naar dat hij zo boos deed; hun vader zei nooit sorry. Ik ben voor de kinderen en mezelf opgekomen en gescheiden. Nu hebben we rust, zijn Naod en Nazret veilig.” Haar toekomst ligt in Nederland, in Oirschot om precies te zijn. “Ik wil het verleden begraven en vooruitkijken.” Niemand beter dan zijzelf weet dat dit niet makkelijk zal zijn, toch gaat ze ervoor. “Mijn droom is om een afro-kapsalon te openen. Ik ben Nederland dankbaar dat we zijn opgevangen en mijn kinderen onderwijs kunnen volgen. Ze hebben vriendjes, en voelen zich thuis. Een grote geruststelling én voor mij de bevestiging dat ik de juiste stap heb gezet.”

Marco Diederen, werkzaam bij de Lev groep afdeling vluchtelingenwerk, is complimenteus jegens Bisrat. “Vanaf het allereerste begin was zij zich ervan bewust dat beheersing van de Nederlandse taal cruciaal is om te kunnen integreren. Volgde (en volgt) gedisciplineerd en gemotiveerd de aangeboden cursussen, nam zelfs het initiatief om een clubje op te richten voor extra taalles. Al snel na aankomst in Oirschot deed ze via de WSD vrijwilligerswerk bij Het Goed in Best en doorliep een werkstage bij de Lev groep. Nu loopt ze twee dagen per week stage in een Eindhovens afro-kapsalon, wil voor zichzelf kunnen zorgen, haar geld op een eerlijke manier verdienen. Bisrat is een voorbeeldige migrant, zij integreert zoals integreren hoort te gaan.” 

Vluchtelingen in Oirschot

  • Gemeente Oirschot krijgt van het COA (Centraal orgaan Opvang Asielzoekers) een lijstje met namen van mensen die urgent woningzoekende zijn. Overigens staan ook autochtonen op diezelfde gemeentelijke wachtlijst. Vanwege onder andere huiselijk geweld, echtscheidingen en psychische problemen hebben onze dorpsgenoten met problemen soms ook dringend behoefte aan een huis en gaan zij eveneens voor.
  • Bisrat is na aankomst in Oirschot door Marco uitgenodigd en geholpen bij het maken van een goede start. Denk bijvoorbeeld aan het invullen van papierwerk van velerlei instanties. Soms zijn vluchtelingen zo zelfredzaam dat ze na deze eerste opvang geen verdere sturing meer nodig hebben; weer anderen hebben langere tijd begeleiding nodig.  
  • De laatste zes jaar zijn ongeveer 150 vluchtelingen in Oirschot, Spoordonk en De Beerzen gehuisvest. De grootste groep zijn Syriërs, gevolgd door Eritreeërs. In 2019 wordt van Gemeente Oirschot verwacht dat zij vijftien statushouders een woning toewijzen, ze hebben een achterstand van vier. 
  • In 2021 wordt het inburgeringsbeleid overgeheveld van overheid naar de gemeente, in de hoop dat de kans op succesvol integreren groter wordt. Naar verwachting zullen de lijntjes korter zijn en krijgen de statushouders daardoor een stevigere en minder vrijblijvende steun of duw in de rug.

Een reactie op ““Ik wil het verleden begraven.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *